Coronavirus: impact on the execution of private construction projects

Coronavirus: impact on the execution of private construction projects

You can contact Siegfried Busscher if you have any questions about the impact of the coronavirus on the execution of your building contract.

Coronavirus: impact op de uitvoering van private bouwprojecten

Raadpleeg onze "COVID-19 bijstand" of contacteer Siegfried Busscher indien u vragen heeft over dit onderwerp.

De verspreiding van het coronavirus (COVID-19) zal veel bouwprojecten enkele weken dwarsbomen. Voor vele werkgevers die actief zijn in de bouwsector zullen de maatregelen van thuiswerk uiteraard niet baten bij de uitvoering van bouwwerken.

Overmacht

Indien de concrete gevolgen van de verspreiding van het virus en de overheidsmaatregelen, bv. personeelstekort bij de aannemer of onderaannemer of leveranciersproblemen, ertoe leiden dat de opdracht niet tijdig kan worden uitgevoerd, zal dit als overmacht kunnen worden gekwalificeerd (art. 1147 en 1148 BW). Deze omstandigheid was immers niet redelijkerwijze te voorzien bij het aangaan van de aannemingscontracten. Let wel, de concrete werf moet daadwerkelijk verstoord worden: indien de werken kunnen worden voortgezet, bv. door andere maatregelen (evt. buiten het voorziene budget), zal er geen overmacht zijn. Wanneer het op algemene wijze niet meer mogelijk is om voldoende werkkrachten in te zetten, bv. door de overheidsmaatregelen, door de ziekte zelf of door het veralgemeend gebrek aan werknemers op de arbeidsmarkt, of als geen enkele leverancier de vereiste materialen nog tijdig kan aanleveren, en dit ook op de concrete werf de voortzetting van de werken verhindert, zal er o.i. aan deze voorwaarde voor overmacht voldaan zijn.

Overmacht leidt niet tot de mogelijkheid van de aannemer om de opdracht eenzijdig aan te passen aan de overmachtssituatie. Dit geldt enkel als grondslag om de werken (tijdelijk) niet te moeten uitvoeren en zal dus leiden tot termijnverlenging.

Matigende werking van de goede trouw

Indien de verspreiding van het coronavirus de concrete uitvoering van de opdracht niet daadwerkelijk onmogelijk maakt, maar slechts bemoeilijkt en duurder maakt, zal de aannemer zich strikt genomen niet altijd kunnen beroepen op overmacht. Hij zal desgevallend bijkomende kosten maken om in deze gewijzigde omstandigheden de oorspronkelijke opdracht alsnog uit te voeren. De termijnverlenging en de meerprijs die in dergelijke omstandigheden in private opdrachten (voor overheidsopdrachten: klik hier) kunnen worden toegekend, zijn dan geen toepassing van overmacht maar wel een toepassing van de matigende werking van de goede trouw bij de uitvoering van de overeenkomst.

Een bouwheer die onverkort eist dat de aannemer de uitvoering van de aannemingsovereenkomst voortzet in dergelijke ernstig en onvoorzien gewijzigde omstandigheden zonder vergoeding van de bijkomende kosten, oefent zijn rechten als opdrachtgever uit op een wijze die kennelijk de grenzen te buiten gaat van een normale uitoefening van deze rechten door een normaal, zorgvuldig en omzichtig opdrachtgever. Dit zal als rechtsmisbruik vanwege de bouwheer worden beschouwd. In andere landen valt dit onder de imprevisie. Dit wordt in België echter niet als “algemeen rechtsbeginsel” aanvaard en hoogstens beschouwd als een toepassing van de vermelde matigende werking van de goede trouw. Deze onzekere rechtsbasis maakt de toepassing ervan in concrete dossiers helaas onvoorspelbaar.

Zowel voor overmacht als voor de matigende werking van de goede trouw is vereist dat de aannemer niet zelf aan de oorzaak lag van de storing. Hieraan is uiteraard voldaan gelet op de wijdverspreide epidemie.

Contractuele clausules 

Daarnaast kunnen de bouwcontracten clausules hebben over overmacht, imprevisie en hindernissen bij de uitvoering van de werken. Deze kunnen zowel de oorzaken en gevolgen regelen als de meer administratieve formaliteiten en (verval)termijnen over de melding. Kijk de contracten en deze bepalingen alvast goed na omdat hierin vervaltermijn en uitsluitingen kunnen zijn opgenomen.

Zoals vermeld zijn dit tijdelijke maatregelen. Voor een definitieve beëindiging van de overeenkomst zal de kwalificatie als overmacht of de matigende werking van de goede trouw als gevolg hebben dat de tijdelijke niet-uitvoering geen contractuele fout is. Dit zal dus in de meeste gevallen geen grondslag zijn om de overeenkomst te ontbinden wegens wanprestatie (art. 1184 BW). Het staat de bouwheer nog altijd vrij om gebruik te maken van zijn eenzijdig opzeggingsrecht mits vergoeding van de door de aannemer gemaakte kosten en met betaling van een winstdervingsvergoeding (art. 1794 BW).

FIDIC contracten

Onder de FIDIC Red Book 2017 voor de uitvoering van werken en de FIDIC Yellow Book 2017 voor Plant Design & Build, is de Contractor gerechtigd op termijnverlenging en eventueel ook een vergoeding. Clause 8.5 (d) verwijst uitdrukkelijk naar “unforeseeable shortages in the availability of personnel or Goods … caused by epidemic or governmental actions” (idem voor de 1999 editie). Daarnaast kan dit een Exceptional Event zijn (Clause 18) dat eveneens aanleiding kan geven tot termijnverlenging en eventueel ook een vergoeding. Let wel, dit kan in de bijzondere voorwaarden zijn aangepast in functie van het concrete project. Onder de strengere voorwaarden bij EPC-contracten van FIDIC Silver Book 2017 is dit niet uitdrukkelijk voorzien als grond tot termijnverlenging, tenzij de Employer hierdoor wordt getroffen bij de aanlevering van Employer-Supplied Materials (Clause 8.5 (c). De algemene clausule over Exceptional Event (Clause 18) kan wel van toepassing zijn en kan voor de Contractor leiden tot termijnverlenging en / of een vergoeding.